Ambitieus tijdspad invoering verplicht certificeringsstelsel uitzendbranche

Marco Hendrikse 1 december 2022 4 min
Categorie: Uitzendbranche

De Minister van sociale Zaken en Werkgelegenheid, Van Gennip, lanceerde eerder in 2022 het plan om een verplicht certificeringsstelsel voor de uitzendbranche in te voeren per 2025. Eind november informeerde zij de Tweede Kamer over de voortgang mbt dit certificeringsstelsel. In deze brief geeft zij aan dat het ambitieniveau hoog is en dat zij dit stelsel zo snel mogelijk wil invoeren. Zo komt er een ingroeimodel, met als doel dat zoveel mogelijk uitzendorganisaties al medio 2024 een certificaat aanvragen.

Aanleiding invoering verplicht certificeringsstelsel

Volgens de Minister voert het kabinet de aanbevelingen van het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten met grote urgentie uit. De Minister: “Dat is hard nodig want, ook vandaag werken er helaas nog te veel arbeidsmigranten in Nederland onder omstandigheden, die ons land onwaardig zijn.” De Minister wil dus haast maken met het invoeren van het verplichte certificeringsstelsel en streeft ernaar het bijbehorende wetsvoorstel in het voorjaar van 2023 bij de Tweede Kamer in te dienen, zodat dit nog voor de zomer behandeld kan worden. Als dit wetsvoorstel wordt aangenomen moeten alle organisaties die zich bezighouden met het uitlenen van personeel een certificaat hebben.

Private inspectie-instellingen

Private inspectie-instellingen gaan periodiek bij uitzendorganisaties controleren of zij voldoen aan de certificeringseisen die nu nog vastgesteld moeten worden (al zijn de contouren wel al duidelijk). Uitleners die zonder certificaat toch arbeidskrachten ter beschikking stellen èn inleners die arbeidskrachten inlenen van niet-gecertificeerde uitzenders kunnen een boete van de Arbeidsinspectie krijgen. Dit kan echter, zo stelt de Minister, pas in werking treden als álle uitleners in staat zijn gesteld om een certificaat te verkrijgen. Dat zal – afhankelijk van de parlementaire behandeling en voortgang van de invoering – vanaf 1 januari 2025 het geval kunnen zijn.

Ingroeimodel

Om te voorkomen dat de naar schatting 16.000 uitleners pas tegen 1 januari 2025 een certificaat gaan aanvragen is de Minister voornemens om te werken met een ingroeimodel. Uitleners worden gestimuleerd om vóór 1 augustus 2024 een certificaat aan te vragen. Uitleners die dit doen vallen onder het overgangsrecht. De Minister hierover: “Dit overgangsrecht is niet alleen noodzakelijk voor een verantwoorde invoering van het stelsel (zowel uitvoeringstechnisch als juridisch), maar biedt ook een sterke stimulans om het certificaat eerder aan te vragen. Immers, het verzekert de uitlener dat deze na de inwerkintreding van de certificeringsplicht zijn werkzaamheden niet hoeft te staken als het certificaat niet tijdig is toegekend.”

Minister Karien van Gennip wil haast maken met invoering verplicht certificeringsstelsel

Karien van Gennip minister van SZW
Beeld: ©RVD – Valerie Kuypers en Martijn Beekman

Voorlichtingscampagne voor in- en uitleners

De invoering van een verplicht certificeringsstelsel heeft nogal wat voeten in de aarde, zo realiseert de Minister zich. Zij is van plan om de introductie van het stelsel gepaard te laten gaan met een omvangrijk communicatie- en voorlichtingstraject. Dit traject zal gericht zijn op organisaties die arbeidskrachten uitlenen en opdrachtgevers die personeel inlenen. Uitzendorganisaties moeten zich immers vroegtijdig gaan voorbereiden om aan de eisen van het certificeringsstelsel te voldoen. Zeker voor de ruim 10.000 arbeidsbemiddelaars die (nog) geen SNA-keurmerk hebben zal dit heel veel werk zijn. Maar de campagne is dus ook gericht op organisaties die personeel inlenen. Zij mogen immers na invoering van het stelsel geen zaken meer doen met uitleners die geen certificaat hebben.

Ambitieniveau

Het ambitieniveau om dit stelsel zo snel en soepel mogelijk in te voeren, is hoog. Van Gennip: “Alle bij dit traject betrokken partijen zetten zich maximaal in om de certificeringsplicht zo snel mogelijke in werking te laten treden. Daar zijn niet alleen de arbeidskrachten zelf bij gebaat, maar ook de bonafide uitleners die nu een concurrentienadeel ondervinden van hun malafide evenknieën.” Daarbij maakt de Minister wel een kanttekening. Omdat het tijdspad voor invoering van het verplichte certificeringsstelsel zo strak is, is er vrijwel geen ruimte voor onvoorziene omstandigheden of andere tegenvallers. Maar, zo benadrukt de Minister, zorgvuldigheid blijft een randvoorwaarde. Met een te gehaast opgezet certificeringsstelsel is immers het risico aanwezig dat kwaadwillende ondernemers manieren vinden om het stelsel te ontduiken.

Anticiperen op verplicht certificeringsstelsel

Hoe dan ook, het kabinet lijkt alles op alles te zetten om dit verplichte certificeringsstelsel zo snel mogelijk in te voeren. Hoewel het normenkader waarop getoetst zal worden nog niet bekend is, kunnen uitzenders wel al gaan nadenken over wat hen te wachten staat en hoe ze hierop kunnen anticiperen. Een oproep die overigens Julisa Fereijra–Phelipa, Business Unit Directeur bij inspectie-instelling Normec VRO, ook eerder al deed.

Update: De Ministerraad heeft ingestemd met het wetsvoorstel. Het is nu naar de Raad van State gestuurd voor advisering. Dat is de laatste stap in het wetgevingstraject voordat het wetsvoorstel in het voorjaar bij de Tweede Kamer wordt ingediend.